Stanley Cohen (biochemicus)
| 17 november 1922 – heden | |
![]() |
|
| Geboorteland | Verenigde Staten |
| Geboorteplaats | Brooklyn |
| Nobelprijs voor de | Fysiologie of Geneeskunde |
| In | 1986 |
| Reden | Voor het ontdekken van groeifactoren |
| Samen met | Rita Levi-Montalcini |
| Voorganger(s) | Michael Stuart Brown Joseph Goldstein |
| Opvolger(s) | Susumu Tonegawa |
Stanley Cohen (Brooklyn (New York), 17 november 1922) is een Amerikaanse biochemicus die in 1986, samen met zijn collega Rita Levi-Montalcini, de Nobelprijs voor de Fysiologie of Geneeskunde won voor hun ontdekkingen op het gebied van groeifactoren. Cohen is verbonden aan de Vanderbilt University School of Medicine in Nashville, Tennessee.
Cohen studeerde scheikunde en zoölogie aan het Brooklyn College, waar hij in 1943 zijn bachelorgraad behaalde. Nadat hij enige tijd als microbioloog bij een melkverwerkingsbedrijf had gewerkt om geld te verdienen, haalde hij in 1945 zijn masterdiploma zoölogie aan het Overlin College. In 1948 promoveerde hij aan de faculteit voor biochemie van de Universiteit van Michigan. In de jaren vijftig werkte hij samen met Levi-Montalcini aan de Washington University in St. Louis, waar zij de Nerve growth factor (NGF) ontdekten. Aan de Vanderbilt University zette hij zijn onderzoek naar groeifactoren voort.
[bewerken] Belangrijke wetenschappelijk onderscheidingen
- In 1983 ontving Stanley Cohen de Louisa Gross Horwitz Prize van de Columbia-universiteit, samen met collega's Rita Levi-Montalcini en Viktor Hamburger
- In 1986 ontving hij samen met Rita Levi-Montalcini de Nobelprijs voor de Fysiologie of Geneeskunde
- In 1986 won hij, eveneens samen met Rita Levi-Montalcini, de Albert Lasker Award
- In 1986 ontving hij de National Medal of Science, de hoogste wetenschappelijke onderscheiding in de Verenigde Staten


