RANG

De functie RANG retourneert het rangnummer van een waarde binnen een verzameling numerieke waarden.

RANG(waarde; waarde-set; rangorde)

waarde: De getalswaarde, datum-tijdwaarde of duurwaarde waarvan het rangnummer moet worden geretourneerd.

waarde-set: Een verzameling getalswaarden, datum-tijdwaarden of duurwaarden. Alle waarden moeten van hetzelfde waardetype zijn en tevens van hetzelfde waardetype zijn als waarde.

rangorde: Een optionele modale waarde die aangeeft of de kleinste of grootste waarde in de verzameling de rangorde 1 heeft.

grootste is laag (0, ONWAAR of weggelaten): De grootste waarde in de verzameling krijgt de rangorde 1.

grootste is hoog (1 of WAAR): De kleinste waarde in de verzameling krijgt de rangorde 1.

Opmerkingen

  • Gelijke waarden in de verzameling krijgen dezelfde positie in de rangorde, maar beïnvloeden het resultaat.

  • Als de opgegeven waarde met geen van de waarden in de verzameling overeenkomt, wordt een fout geretourneerd.

Voorbeelden

Stel dat de volgende tabel de cumulatieve scores van 20 leerlingen bevat voor dit semester. (De gegevens zijn zo geordend voor dit voorbeeld. In werkelijkheid zouden de gegevens waarschijnlijk in 20 afzonderlijke rijen staan.)

A

B

C

D

E

1

30

75

92

86

51

2

83

100

92

68

70

3

77

91

86

85

83

4

77

90

83

75

80

=RANG(30; A1:E4; 1) retourneert 1, omdat 30 de laagste cumulatieve score is en rangorde 1 is (de kleinste waarde moet rangnummer 1 krijgen).

=RANG(92; A1:E4; 0) retourneert 2, omdat 92 de op een na hoogste cumulatieve score is en rangorde 0 is (de grootste waarde moet rangnummer 1 krijgen).

=RANG(91; A1:E4; 0) retourneert 4, omdat twee waarden de tweede plaats delen. De volgorde is 100, 92, 92 en 91 en de rangorde is 1, 2, 2 en 4.

Morty Proxy This is a proxified and sanitized view of the page, visit original site.
Nuttig?
Tekenlimiet: 250
De maximale tekenlimiet is 250.
Hartelijk dank voor uw feedback.
Morty Proxy This is a proxified and sanitized view of the page, visit original site.