Apparaatbeheer­instellingen voor WEP, WPA, WPA2 en WPA2/WPA3 voor Apple apparaten

Je kunt instellingen voor WEP, WPA, WPA2 en WPA2/WPA3 – persoonlijk configureren voor Apple apparaten die bij een voorziening voor apparaatbeheer zijn ingeschreven. De volgende instellingen gelden voor WEP (Wired Equivalent Privacy) en WPA, WPA2 en WPA2/WPA3 - persoonlijk (Wi-Fi Protected Access).

De instellingen in de onderstaande tabel kunnen worden gebruikt met de payloads 'Wifi' of 'Ethernet'.

Instelling

Beschrijving

Vereist

Wachtwoord

Bij WEP is een wachtwoord nodig voor toegang tot het draadloze netwerk.

Gebruikers kunnen het wachtwoord opgeven dat is vereist om verbinding te maken met het draadloze netwerk (indien van toepassing). Als dit leeg wordt gelaten en er een wachtwoord voor het netwerk vereist is, wordt gebruikers gevraagd een wachtwoord in te voeren wanneer voor het eerst verbinding wordt gemaakt. Met de optie 'Gebruik nieuw wachtwoord voor elke verbinding' voorkom je dat het wachtwoord van de gebruiker in de cache wordt bewaard.

Nee

Opmerking: Elke ontwikkelaar van een voorziening voor apparaatbeheer implementeert deze instellingen op een andere manier. Als je wilt weten hoe de instellingen voor de protocollen WEP, WPA, WPA2 en WPA2/WPA3 – persoonlijk op je apparaten worden toegepast, raadpleeg je de documentatie van de ontwikkelaar van je voorziening voor apparaatbeheer.

Datum van publicatie: 24 oktober 2022
Morty Proxy This is a proxified and sanitized view of the page, visit original site.
Nuttig?
Tekenlimiet: 250
De maximale tekenlimiet is 250.
Hartelijk dank voor uw feedback.
Morty Proxy This is a proxified and sanitized view of the page, visit original site.