zone-eigen
Uiterlijk
- Geluid: zone-eigen (hulp, bestand)
- zo·ne-ei·gen
- samenstelling van zone zn en eigen bn
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | zone-eigen | zone-eigener | zone-eigenst |
| verbogen | zone-eigenste | ||
| partitief | zone-eigens | zone-eigeners | - |
zone-eigen
- van een gebouw dat het staat in een gebied waar het past bij de bestemming van dat gebied
- Het woord zone-eigen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.